Zoeken binnen websites kennispartners »

14 mei 2009

Daglichttoetreding, passief gebruik zonne-energie

Gebruik zon als lichtbron en warmtebron

Met een juiste plaatsing ten opzichte van de zon, het type glas, het oppervlakte van het glas, enzovoort, kan zonlicht gebruikt worden om het gebouw op temperatuur te houden en om het gebruik van kunstlicht te beperken.

Energiezuinige (zuid)oriëntatie van een gebouw betekent een relatief groot glasoppervlak op de zuidgevel(s) en een relatief klein glasoppervlak op de noordgevel(s). In de winter is de zonnewarmtewinst relatief groot als die ramen op de zuidgevels ook uit HR+ of HR++ glas bestaan.

Sommige utiliteitsbouwen kennen een relatief hoge interne warmtelast. Veel extra zonnewarmtewinst leidt in zo´n geval tot een toename van het aantal koeluren. Onderzoek daarom bij utiliteitsbouw in het ontwerpproces de relatie tussen vermindering van verwarmingsenergie en toename van het energiegebruik voor extra ventilatie en/of extra koeling voor je een keuze in zonneoriëntatie maakt.

Zon weren

In de zomer is bij een gebouw met passief zonne-energiegebruik goede zonwering onontbeerlijk.
Overstekken, lamellen, of strategisch geplaatste struiken en loofbomen houden bij glas op het zuiden de zomerzon tegen, maar laten laagstaande winterzon binnen.
Een markies werkt ook (niet alleen bij ramen op het zuiden, maar ook op het westen), als deze goed wordt gebruikt. Gebruik van binnenzonwering is alleen effectief als de warmte die achter het glas vrijkomt, direct wordt afgevoerd. Verder zijn er nieuwe glassoorten in ontwikkeling die een zonwerend effect hebben. De kosten hiervan zijn hoog, waardoor de toepassing zich nu nog beperkt tot de utiliteitssector. Op langere termijn worden deze glassoorten echter ook in de woningbouw verwacht.
(bron SenterNovem)

Verder lezen

Webpagina SenterNovem: zonne-energie als totaalconcept op www.senternovem.nl/epn

Terug naar het overzicht