De 90%-versie van NTA 8800 in het kort

Op 21 maart 2018 vond bij NEN een informatiebijeenkomst plaats over de ‘Vernieuwing Stelsel Energieprestatie Gebouwen’. Tijdens deze bijeenkomst werd de 90%-versie van NTA 8800 gepresenteerd. Deze nieuwe bepalingsmethode is inmiddels zo ver uitgewerkt dat ook met de kostenoptimaliteitsstudie is gestart voor het bepalen van de eisen voor bijna-energieneutrale nieuwbouw (BENG). Op 20 november 2018 wordt de nieuwe bepalingsmethode gepresenteerd tijdens een congres dat door NEN wordt georganiseerd. Zet die datum alvast in uw agenda.

In dit artikel worden de belangrijkste uitgangspunten uit het NEN verslag over de NTA 8800 kort samengevat in de woorden van de voorzitter van de Projectgroep NTA 8800, Harm Valk (Nieman RI, foto). Rapporteurs Ieke Kuijpers-van Gaalen (DGMR) en Marleen Spiekman (TNO) gingen tijdens de informatiebijeenkomst uitgebreid in op de details van NTA 8800.

Uitgangspunten

  • “Duidelijk gesteld moet worden dat ook de nieuwe bepalingsmethode uitsluitend gericht is op gebouwgebonden maatregelen. NTA 8800 is dus niet bedoeld om het werkelijke energiegebruik in te schatten. Dat verbruik is bijvoorbeeld sterk afhankelijk van bewonersgedrag en het aantal gezinsleden. Ook gaan we uit van de klimaatgegevens van De Bilt. Het gaat dus om zuivere fysische gegevens, aangevuld met beleidsmatige keuzes.”
  • De energieprestatie wordt straks berekend op basis van de maandmethode. “Je kunt je afvragen waarom we niet de uurmethode gebruiken. Die is wellicht wat nauwkeuriger, maar maakt de berekening ook erg zwaar en minder inzichtelijk. Na veelvuldig overleg heeft het ministerie de knoop doorgehakt: we gebruiken de maandmethode.”
  • Energiemaatregelen die minder dan 2% invloed hebben op het eindresultaat worden niet in de bepalingsmethode opgenomen.
  • Bij het vaststellen van de forfaitaire waarden van energiemaatregelen gaan we zo veel mogelijk uit van gemiddelde waarden.
  • “Nieuw in de NTA is ook dat er in alle hoofdstukken gewerkt wordt met een praktijkprestatiefactor: deze geeft weer wat het verschil is tussen de prestatie van de techniek in een laboratoriumopstelling en de praktijk. Deze factor is 1,0 (geen terugloop van prestatie in de praktijk, of de terugloop is al verwerkt in de prestatieverklaring), 0,95 of 0,9. De praktijkprestatiefactor draagt er toe bij dat er een betere aansluiting ontstaat tussen de daadwerkelijke energieprestatie en de prestatie op papier.”

Details

  • We kenden aparte regels voor vakantiewoningen, maar die worden in praktijk bijna hetzelfde gebruikt als woningen. Dus beschouwen we vakantiewoningen in de NTA als gewone woningen.
  • Kleine functies (< 10% van het oppervlak) worden binnen de NTA als onderdeel van de hoofdfunctie gezien.
  • Gemeenschappelijke ruimten mogen niet meer als aparte thermische rekenzone worden beschouwd: ze moeten in de NTA worden ingedeeld bij een andere thermische zone.
  • Bergingenblokken en technische ruimten in gebouwen boven de 500 m2 behoren niet meer tot de thermische zone.
  • Zonwering wordt meer gedetailleerd meegenomen in de NTA: “De rol van zonwering bij klimaatbeheersing in een gebouw wordt steeds groter. We maken daarom nu onderscheid tussen verschillende typen zonwering en nemen de tijd dat de zonwering wordt gebruikt als een vaste factor op. Dat doen we niet meer per jaar, omdat in de winter de zonwering veel minder wordt gebruikt dan in de zomer. Datzelfde geldt voor beschaduwing; ook de invloed daarvan bekijken we nu per maand.”
  • Het energiegebruik voor afgifte en distributie wordt niet meer uitgedrukt in een rendement, maar in verliezen op basis van het temperatuurverschil tussen het systeem en de ruimte.
  • Bij de berekening van warmteverliezen voor ventilatie wordt aangesloten bij de CEN-norm: “Dat betekent dat we niet meer alle ventilatiestromen bij elkaar gaan optellen, zoals bij de bepalingsmethode NEN 8088. In werkelijkheid interfereren die stromen natuurlijk allemaal met elkaar. Die onderlinge beïnvloeding hebben we uitgewerkt in een nieuwe rekenmethodiek. Voordeel is ook dat een groot deel van de correctiefactoren vervalt. Daarnaast gaan we ventilatiekoeling nog uitwerken en de forfaitaire waarden voor infiltratie in de bestaande bouw herzien.”
  • De uitwerking voor tapwater lijkt heel sterk op NEN 7120. “De vraag is nu bijvoorbeeld wel hoe we aansluiten op de trend van tiny houses. Die verbruiken relatief weinig tapwater. De methodiek moet dus ook geschikt zijn voor deze zeer kleine woningen.”
  • Douchewarmteterugwinning kennen we al vanuit NEN 7120 en die komt ook terug in de NTA. In Europa was douche WTW nog niet uitgewerkt.
  • Nieuwe ontwikkelingen die dit jaar ook aan NTA 8800 worden toegevoegd zijn PVT (combinatie van zonnecollector en zonnepaneel), gebiedsmaatregelen (zoals stadsverwarming), booster-WP, biomassa en WKK. Ook be- en ontvochtiging moet een plek krijgen. “In de verdere toekomst denken we nog aan toevoegen van gebouwautomatisering en gebouwgebonden windenergie; dat vraagt nog meer studie.”

Gerelateerde berichten

Tags:

BENG

PARTNERS

NEPROM NVB Bouwend Nederland Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties