Eindrapportage Implementatietraject opnameprotocollen nieuwbouw gereed

energielabels-260Het afgelopen half jaar zijn twaalf woningbouwprojecten en vijf utiliteitsbouwprojecten bij oplevering getoetst op de gerealiseerde energieprestatie (EPC). Dit is gedaan aan de hand van een opnameprotocol voor woningbouw en voor utiliteitsbouw, versie 2.9 van september 2012. Het doel van dit onderzoek was om ervaring op te doen met de nieuwe opnameprotocollen, en ook met een vrijwillige ventilatietoets.

Het onderzoek vond plaats in opdracht van Agentschap NL, en in nauwe samenwerking met de partners van Lente-akkoord.  Een begeleidingscommissie bestaande uit Lente-akkoord partijen, Woningborg, SWK, ISSO, het ministerie van BZK en bouwprofessionals gaf feedback gedurende het traject. Het doel van het onderzoek was de werkbaarheid van de opnameprotocollen te beschrijven en verbeterpunten zichtbaar te maken. Het onderzoek geeft aanbevelingen voor een efficiënte toepassing en eventuele aanpassingen van de opnameprotocollen aan de hand van de bevindingen.

Conclusies rapport: energieprestatie toetsen is zinvol
Het blijkt zeer zinvol om de energieprestatie van de woningen en gebouwen te toetsen na de bouw. Uitvoering van het opnameprotocol levert veel inzicht in de daadwerkelijke EPC-waarde. Bij alle projecten heeft de EPN-opnemer afwijkingen gevonden ten opzichte van de oorspronkelijke EPC-berekening. Veel voorkomende afwijkingen zijn de oppervlakte van de ramen, de Rc-waarden, U-waarden en de luchtdichtheid. Veel woningen en gebouwen in het onderzoek blijken dan ook niet volgens de opgegeven EPC te worden gebouwd. De grootste afwijking bedraagt in dit onderzoek één labelstap.

Bouwers en ontwikkelaars wordt aanbevolen om op korte termijn met een marge in de EPC-waarde te ontwerpen in plaats van scherp aan de grens van het Bouwbesluit. Hiermee wordt voorkomen dat door een enkele afwijking het gebouw niet meer aan het Bouwbesluit voldoet. Een aanbeveling is om rekening te houden met mogelijke kopersopties, zoals een dakkapel of uitbouw. Zonnepanelen of een betere ketel kunnen nodig zijn om het effect op de EPC te compenseren.

Betrokken partijen hebben aangegeven dat zij fotobewijzen en documentatiebewijzen eenvoudig kunnen verzamelen wanneer ze dit vroeg meenemen in het bouwproces. Het achteraf aanleveren van bewijzen van Rc-waarden, U-waarden en isolatieaansluitingen bleek bij 60% van de projecten niet mogelijk.

Achtergrond
Het onderzoek diende oorspronkelijk als voorbereiding op de invoering van de herziene EPBD. De EPBD-wetgeving schrijft voor dat alle nieuwbouw bij oplevering moet zijn voorzien van een Energieprestatiecertificaat. Doel hiervan is de toekomstige eigenaar van een woning of gebouw inzicht te geven in de daadwerkelijke energieprestatie van het gebouw. Het wetsvoorstel hiertoe is door de Tweede Kamer op 20 november 2012 verworpen. Op dit moment beraadt het ministerie van BZK zich op verdere invulling van deze eis.

U kunt hier downloaden:
Definitieve rapportage Opnameprotocol versterkt bouwkolom, Resultaten Implementatietraject opnameprotocollen EWN en EUN, 2 april 2013, DWA
Bijlagen I t/m VII Opnameprotocol versterkt bouwkolom, Resultaten Implementatietraject opnameprotocollen EWN en EUN, 2 april 2013, DWA
Handleiding opnameprotocollen EWN en EUN, 17 april 2013, DWA

De volgende bijlage is ook apart te downloaden:
Bijlage V Analyse fotobewijzen


Gerelateerde berichten

PARTNERS

NEPROM NVB Bouwend Nederland Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties