“Energielabel leidt tot hogere bouwkwaliteit en betere energieprestaties”

Huib Bakker Bouw legt in Haarlem momenteel de laatste hand aan het nieuwbouwproject Lyriek. Dit project bestaat uit 59 appartementen en de oplevering is gepland in het eerste kwartaal van 2013. Huib Bakker Bouw doet met Lyriek mee in het implementatietraject Energielabel Nieuwbouw. Werkvoorbereider Eric Wesselius is belast met de coördinatie van de benodigde procedures.

In opdracht van Agentschap NL en in nauwe samenwerking met de Lente-Akkoordpartners wordt bij woningbouwprojecten het protocol voor het energielabel Nieuwbouw getoetst. Dit gebeurt als voorbereiding op de invoering van de herziene EPBD. Na invoering van de EPBD wetgeving moet alle nieuwbouw namelijk bij oplevering voorzien zijn van een energielabel. Dat biedt de toekomstige eigenaar een nuttige controlemogelijkheid.

“Dit plan is al ongeveer tien jaar geleden uitgewerkt en heeft een bouwvergunning gekregen volgens het toen geldende Bouwbesluit. Door omstandigheden heeft het project lang in de ijskast gelegen. Gevolg is dat de EPC indertijd op een waarde van 1,0 is voorgerekend, terwijl dat nu minimaal 0,6 zou moeten zijn. Toen we in het implementatietraject stapten, waren het metselwerk en de isolatie van de woningen al zo goed als klaar. Het verzamelen van de bewijslast, evenals de mogelijkheid van controle, was in dat stadium voor de woningen al een gepasseerd station.

Op zich is de informatie en de manier van documenteren niet ingewikkeld, daar is geen cursus voor nodig. Ook de tijd die ervoor benodigd is, valt mee. Zelf heb ik er nu 8 uur in gestoken, maar ik denk dat het op een volledig werk tussen de 24 en 40 uur kost. Dat zijn natuurlijk wel extra kosten voor het project. Voor het fotograferen zijn er drie belangrijke momenten: bij het aanbrengen van het isolatiemateriaal – voordat er gemetseld gaat worden – bij het plaatsen van de installaties en bij de afdichting van de dakdoorvoer. Het is van belang om die te implementeren in de standaardprocedures. De werkvoorbereider moet de uitvoering laten weten wat en wanneer zij moeten fotograferen zodat zij ons weer op tijd kunnen attenderen op een komend fotomoment. Die twee-richtingscommunicatie is heel belangrijk om niet voor voldongen feiten te komen staan.

Bij volgende projecten zijn er een paar zaken waar we op gaan letten. Ten eerste zullen we in contracten goed moeten vastleggen wie de taken voor het Energielabel Nieuwbouw op zich gaat nemen. Als we iets zelf ontwikkelen en uitvoeren, ligt het voor de hand dat onze eigen werkvoorbereiders en projectleiders dat doen, maar als we in opdracht bouwen kan dat ook de opzichter van de opdrachtgever zijn of een instantie als Woningborg. De verantwoordelijkheid moet van tevoren goed duidelijk zijn. Daarnaast zullen we vanaf het begin veel meer moeten archiveren. Op dit moment is het voor ons lastig om nog alle afleverbonnen te verzamelen in het dossier, maar als we er in het vervolg van tevoren rekening mee kunnen houden, is dat een kleine moeite. Uitvoerders kunnen dan steeds de bonnen kopiëren en een kopie naar de werkvoorbereider sturen. Ik vind wel dat een aantal zaken dubbel wordt gevraagd. Zo kun je op de afleverbon zien of er geleverd is wat er in het bestek stond voorgeschreven, maar dat blijkt ook al uit de detailfoto’s die je van de materialen en installaties maakt. Alleen het inkoopcontract en de detailfoto’s zouden wat mij betreft voldoende zijn.

Ook vind ik het een overweging waard om de inspecteurs van Woningborg – die sowieso op kwaliteit komen controleren – een deel van de bewijslast te laten verzorgen. Zij maken vaak dezelfde foto’s als die wij nu moeten maken, daar kunnen we wellicht gebruik van maken. Dit komt waarschijnlijk nog sterker over omdat er dan een onafhankelijke instantie achter staat. De foto’s komen zo niet voort uit controle van eigen werk. Daarnaast is het bij de onderbouwing van de U- en de Rc-waarde misschien goed wanneer men wat algemenere vragen voorlegt ten aanzien van het fotomateriaal. Bij de fundering, vloeren en de aansluiting van kozijnen is de vraagstelling duidelijk, maar naar bijvoorbeeld constructies die het binnenblad met de buitenlucht koppelen, wordt niet specifiek gevraagd. Dit lijkt mij toch ook belangrijk, omdat hier koudebruggen kunnen ontstaan.

Ik verwacht dat deze nieuwe manier van werken bijdraagt aan een nog betere kwaliteit van de opgeleverde woningen, het leidt immers tijdens de uitvoering tot controles op veel meer zaken dan voorheen. Door de theorie – de EPC berekening – in de praktijk te toetsen, zijn de berekende waarden beter te borgen. Mochten er tijdens de uitvoering afwijkingen ontstaan, dan bestaat er een directe mogelijkheid om dit te corrigeren. Uiteindelijk wil iedereen kunnen stellen dat men één en ander volgens de berekening heeft uitgevoerd.”

PARTNERS

NEPROM NVB Bouwend Nederland Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties