Netbeheerders willen meedenken over bouwproces

Verslag van de sessie over de rol van netbeheerders in de transitie naar gasloze wijken tijdens de ZEN platformbijeenkomst op 20 juni – door Joop van Vlerken.

Met Zeer Energiezuinige Nieuwbouw ontstaan nieuwe uitdagingen voor netbeheerders. De energie op het net stroomt namelijk niet alleen meer van a naar b, maar ook van b naar a. Dit kan in combinatie met vraagpieken van onder andere warmtepompen leiden tot overbelasting van het net, aldus Frouke Pieters van Liander. Deze problemen vragen om een vroege betrokkenheid van netbeheerders bij bouwprojecten.

“Wij moeten draaien wat u vraagt. Maar voor mijn gevoel is al het geld dat we nu nog besteden aan aardgasaansluitingen in nieuwbouw een verloren investering.” Met deze prikkelende stelling opent Frouke Pieters, consultant strategie en innovatie bij Liander, haar pitch tijdens de ZEN platformbijeenkomst op 20 juni. Wat haar betreft zijn er drie routes voor nieuwbouw als aardgas afvalt: duurzaam gas, warmte of all-electric. Ze schetst de problemen die kunnen ontstaan als alle nieuwbouwwoningen met zonnepanelen en warmtepompen uitgerust worden. “Als op een iets koudere dag in het najaar een piek ontstaat in het aanbod van zonne-energie en de vraag van de warmtepompen stijgt door de kou buiten, ontstaan er pieken in aanbod en vraag en kan het net overbelast raken. Er zijn manieren om dit te voorkomen, maar dan moeten de woningen bijvoorbeeld niet allemaal dezelfde noord-zuidoriëntatie hebben en hetzelfde warmtepompsysteem.” Daarom daagt ze de zaal uit: “Betrek ons vroegtijdig!”

Regels
Na haar pitch kunnen de deelnemers aan de sessie vragen stellen aan Pieters. Maar ze komen meteen met oplossingen. Zo kent Carl-peter Goossen van BouwNext een voorbeeld uit Frankrijk om overbelasting te voorkomen. “De Franse netbeheerder RTE experimenteert met een kleine accu die wel in het huis, maar voor de meter staat. Hierdoor is het al mogelijk om 50% van de opgewekte energie in eigen huis te gebruiken.” Pieters vraagt zich hardop af of zoiets in Nederland ook kan en of de netbeheerder in zulke gevallen niet te veel beperkt wordt door regels. “Een batterij in het net zetten, mogen wij dat? We onderzoeken wel al samen met marktpartijen hoe batterijen een rol kunnen spelen om piekbelasting te voorkomen Dat doen we onder andere in het project City-zen.

Zwaardere kabels
Een andere deelnemer merkt op dat elektrische auto’s ook voor vraagpieken op het net zorgen. Maar het probleem van de all-electric woningen is volgens Pieters veel acuter. “Enkele elektrische auto’s zijn minder problematisch dan de oplevering van 30 NOM-woningen in één wijk.” Een van de ontwikkelaars zegt dat je het verbruik van een warmtepomp makkelijk uit kunt stellen. Waarom doen de netbeheerders daar niet iets mee? Dat ligt niet zo simpel, stelt Pieters. “Je kunt een warmtepomp in theorie inderdaad afschakelen, maar wij kunnen en mogen dat niet zomaar. De enige oplossing die wij op dit moment hebben om capaciteitsproblemen op te lossen is zwaardere kabels leggen.” Op het gebied van andere toepassingen zoals mini-grids nemen de netbeheerders te weinig initiatief vindt weer een andere deelnemer. Pieters: “Als je het zuiver bekijkt is het ‘u vraagt wij draaien’. Wij zijn gebonden aan allerlei regels en wetgeving. Sommige dingen mogen we niet, terwijl we het misschien wel graag zouden willen. Andere dingen willen we echt niet. Eén daarvan is teruggaan naar de oude situatie, waarin er in Nederland een aantal gesloten netten bestond. Dat kan volgens mij niet de bedoeling zijn van een mini-grid. Dan heeft de klant namelijk niets meer te kiezen. Daarom willen we er altijd voor zorgen dat netten open en transparant zijn.”

Olie op het vuur
“Zit Liander wel te wachten op energieleverende woningen?”, vraagt een deelnemer zich hardop af. Pieters antwoordt diplomatiek. “Wij ondersteunen klantkeuzes. Maar u heeft gelijk, wij zijn gewend energie van a naar b te transporteren en niet van b naar a. Sommige processen worden daardoor ingewikkelder. Het maakt eigenlijk niet uit wat wij daarvan vinden, feit is dat dit wel de toekomst is. Daar bereiden we ons dus op voor.” Dan komt de vraag wat netbeheerders eigenlijk kunnen betekenen in de energietransitie. Een van de bouwers in het publiek wil weten wie hij bij Liander mag bellen met vragen over de inpassing van duurzame energie in het net. Gespreksleider Jan Fokkema (directeur NEPROM) gooit nog wat olie op het vuur: “Jullie nemen de telefoon niet op.” Pieters bevestigt dat er op dit vlak best ruimte is voor verbetering en belooft dat te zullen oppakken. “Maar betrek ons dus vooral vroegtijdig. Wat nodig is, is meer flexibiliteit in het net. Daardoor kunnen we misschien voorkomen dat we die dikkere kabels moeten gaan leggen.”


Gerelateerde berichten

Tags:

Gasvrij ZEN

PARTNERS

NEPROM NVB Bouwend Nederland Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties