- Nieuws
- 19/06/2025
Klaar met experimenten, tijd voor opschaling!
Klaar met pilots en experimenten, tijd voor opschaling. Dat is de missie van het nieuwe programma Innovatie en Opschaling Woningbouw van het ministerie van VRO. “Waarom zijn onze woningfabrieken niet fulltime aan het produceren? Die vraag willen we oplossen.”
Een gigantisch woningtekort en een verduurzamingsslag die te langzaam gaat. Henri van Dam, directievoorzitter bij ontwikkelaar Synchroon en voorzitter van het Lente-akkoord, schetst bij de start van het Lente-akkoord Congres op woensdag 4 juni de twee belangrijkste uitdagingen voor de sector.
Voor wie deze middag in CIRCA in Amsterdam aanwezig is als bouwer, ontwikkelaar, belegger, architect, adviseur of ambtenaar is dat zeker geen nieuws. Zijn boodschap daarbij is wel: “Onderschat vooral je persoonlijke rol niet in die keten. Uiteindelijk gebeurt het gewoon in de projecten. Wacht niet op de overheid of directie die met een nieuwe strategie komt.”
De sector weet inmiddels veel meer over circulair en industrieel ontwikkelen en bouwen, vervolgt Van Dam. De kennis is er. Het gaat nu over de toepassing. Lente-akkoord wil daarin faciliterende rol spelen, ook de komende jaren. “Het kan duurzamer, móet duurzamer en moet ook sneller.”
Innovatie en Opschaling Woningbouw
Het nieuwe programma Innovatie en Opschaling Woningbouw (IOW) van het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) komt wat dat betreft als geroepen. Nicole Maarsen geeft als tweede spreker tijdens het plenaire deel van de middag tekst en uitleg over dit initiatief.
Het programma is in de maak, in samenwerking met organisaties als De Bouwcampus, digiGO en TKI Bouw en Techniek, en zal zich richten op het breed toepasbaar maken van onder meer innovaties rondom digitalisering en industrieel bouwen, het wegnemen van woningbouwbelemmeringen en een koers bepalen richting de wet- en regelgeving uit Europa. Alles nadrukkelijk samen met marktpartijen, aldus Maarsen.
En, om het ook maar meteen helder te hebben: het zojuist gevallen kabinet heeft geen invloed op de voortgang van het programma. Voorwaarts dus.
De urgentie? Gebrek aan materialen, geld, locaties, ambtenaren – “er is van een heleboel niet genoeg’. Kortom: slimmer werken is nodig om het verschil te kunnen maken in de sector. De focus ligt daarbij niet nadrukkelijk op aantallen. “Het moet wel sneller, slimmer, duurzamer en betaalbaarder, maar we moeten ook heel erg in de gaten houden dat het gaat om leefbare buurten.”
De missie van het programma: de tijd van pilots en experimenten is voorbij, het is tijd voor opschaling. De kennis die uit die pilots komt is daarbij wel heel hard nodig. “De lessen zijn al geleerd, dus die moeten we meenemen, doorontwikkelen en toepassen.”
Tussen beleid en praktijk
Het programma zit tussen beleid en praktijk in, zoals Maarsen het kenmerkt. “We hebben de praktijk nodig, maar we hebben ook de beleidsmakers nodig, die moeten de beweging met ons meemaken. Als je beleidsmaker bent, ben je niet zo gewend om met de voeten in de klei te gaan staan. Dat is nadrukkelijk wel de opdracht die ik heb: om collega’s van ministeries mee te nemen naar praktijk. Zonder meteen met regels te komen, maar om te helpen werken aan standaardisering en vereenvoudiging. We werken ook nadrukkelijk samen aan hoe we STOER nuttig kunnen maken voor innovatie en opschaling.”
Lente-akkoord kan dienen als basis en voedingsbodem voor het programma, vervolgt Maarsen. “Circulair, modulair en industrieel is een startpunt voor ons. We willen nadrukkelijk opschalen omdat er al veel zaken bedacht, ontworpen en ontwikkeld zijn die het verdienen om groter te worden. Er staan ongeveer vijftig fabrieken in Nederland. Waarom zijn ze niet fulltime woningen aan het produceren? Daar zitten problemen en vragen achter en die moeten we in dit programma zien op te lossen.”
Ambities programma IOW voor 2030
Als ambities voor 2030 zijn geformuleerd:
- 50% van de nieuwbouwwoningen wordt industrieel gebouwd, zodat de woningbouwsector sneller, efficiënter en duurzamer is en met minder arbeidskrachten de bouwprocessen uitvoert
- 50% van de woningbouwprojecten wordt versneld door datagedreven werken
- 25% verkorting van de doorlooptijd van het ontwikkel- en bouwproces (van planvorming tot en met realisatie)
- Meer dan 25 gebieden is toekomstbestendig ontwikkeld in lijn met de aankomende Europese Kaders en vereenvoudiging van regels in het programma STOER
Nieuw verhaal voor Nederland
De zaal heeft vóór de pitch voor het programma Innovatie en Opschaling Woningbouw al geluisterd naar klimaatexpert Tim van Hattum van de WUR.
Zijn pleidooi: het is tijd voor een nieuw verhaal om mensen in beweging en in de actiestand te krijgen. “Vroeger bouwden we kathedralen, waren we generatie op generatie aan het bouwen aan een heel mooi bouwwerk. We hadden een plaatje voor ogen waaraan we bijdroegen. Die verbeeldingskracht zijn we kwijtgeraakt.”
Daar ligt wat hem betreft een schone taak voor architecten en bouwers omdat die “iets kunnen verbeelden dat we uiteindelijk gaan realiseren. Die power hebben we keihard nodig.”
De Sustainable Development Goals zijn de sector niet onbekend. Van Hattum haalt in zijn presentatie de Wedding Cake aan, een doorvertaling van de SDG’s die prioriteit geeft aan de vier doelen die bijdragen aan de biosfeer. “De natuur is onze belangrijkste bondgenoot in de strijd tegen klimaatverandering. Zonder die prioriteit te geven halen we die SDG’s nooit”, is zijn uitleg achter de Wedding Cake.
Het bracht hem en collega’s bij de WUR op een nieuw verhaal voor Nederland: hoe ziet het land eruit als nature based solutions de allerhoogste prioriteit krijgen? Als een integrale lange termijnvisie voor de ruimtelijke inrichting van Nederland. Zonder zo’n visie blijft het aan alle kanten piepen en kraken, aldus Van Hattum. Kernboodschap: “Nederland kan een fantastische proeftuin zijn om aan de hele wereld te laten zien hoe je een laaggelegen delta toekomstbestendig inricht.”
Van Hattum beschrijft in zijn boek ‘Only Planet – Klimaatgids voor de 21ste eeuw’ zeven routes om bij dat eindplaatje te komen: de natuur als belangrijkste bondgenoot, water als het blauwe goud (“als we ergens circulair over moeten zijn, is het water”), een gezond en regeneratief voedselsysteem, groene en leefbare steden, hernieuwbare energie en groen vervoer, een circulaire economie met betekenis en – tot slot – gezondheid en geluk.
Poppies en Robin Wood
Het gebeurt in de projecten, zei Henri van Dam al. Architect Marc Koehler houdt daarom tot besluit van het plenaire deel een presentatie over het modulair houtbouwsysteem met de naam Superwood dat hij ontwikkelde, en de toepassing daarvan in een aantal projecten van MamaPioneers. Deze ontwikkelaar en eigenaar van onder meer twee woongebouwen in Amsterdam (Poppies en Robin Wood, beide in aanbouw) zet in op communities rond gezond leven. Koehler is mede-oprichter.
Hij zag dat de architect als instituut onder druk staat en besloot de afgelopen 20 jaar zijn servicepakket uit te breiden richting enerzijds vastgoedontwikkeling en branding en – de andere kant op – richting engineering en innovatie. Het bij elkaar brengen van die kennis in een compacte flexibele organisatie maakt de toekomst van de architect levensvatbaar, aldus Koehler.
Poppies in Buiksloterham is bijna klaar en bestaat uit 103 woningen gemaakt met modules van Derix. Geleerde les: er had al veel meer bij deze modulebouwer geplaatst kunnen worden (afbouw, keuken en gevel). Contrast: de modules zijn in vijf weken geplaatst; de kelder, plint en begane grond namen twee jaar in beslag. “We onderzoeken of beton er helemaal uit kan. Om te kijken of we daarmee kunnen versnellen.”
Bijzonderheid van Robin Wood: de modules van dat gebouw krijgen een aantal metalstud wanden die je kan klemmen in plaats van schroeven. Daarmee kan de eigenaar of bewoner zelf een aantal wanden herpositioneren en de woning aanpassen naar wens. “Zonder verbouwingskosten.”