• Nieuws
  • 16/01/2024

VBI: product garantie op gebruikte kanaalplaten

VBI biedt voor het eerst productgarantie op gebruikte kanaalplaten. Dit omvat onder meer het bieden van een retournamecertificaat en het publiceren van principedetails en ontwerpaanbevelingen voor losmaakbaar bouwen.

“Ik denk dat veel mensen dit niet beseffen, maar we zijn al sinds de jaren negentig bezig met circulariteit”, begint Peter Musters de achtergrond van de productgarantie. “Dat begon met het hergebruik van betongranulaat, maar denk ook aan de aandacht voor flexibel aanpasbaar bouwen.”

Sinds 2016 is VBI aan de slag met remontabel bouwen, zoals de leverancier dat noemt. Ofwel: zó bouwen dat producten – meer specifiek: kanaalplaten – weer uit een gebouw zijn te winnen en een volgende bouwer ze zonder mitsen en maren opnieuw kan toepassen.

Musters houdt zich als adviseur bouwconcepten onder andere bezig met circulariteit en milieu-impact, samen met Thies van der Wal. Bij veel van de initiatieven – Cirkelstad, Het Nieuwe Normaal, CB’23, Lente-akkoord 2.0 – hebben ze wel “ergens een lijntje”.

Een betonnen product als een kanaalplaat doet in het duurzame speelveld goed mee, zien ze. Daarin gesterkt door diverse onderzoeken, zoals de Building Circularity Index) van Alba Concepts. Van der Wal: “Dat is een mooie constatering voor ons als leverancier.”

Over remontabel bouwen vervolgt Musters: “We staan als bouwbranche nog erg aan het begin van alles wat we onder de noemer circulariteit verstaan. De cirkel is voor VBI met deze productgarantie rond. Vanaf een nieuw product dat je remontabel inzet, waar we ontwerpdetails en -aanbevelingen voor aanleveren en graag meedenken, tot en met begeleiding in de uitvoering. En om dan vervolgens aan het einde van de levensduur de elementen daadwerkelijk weer uit een gebouw te kunnen krijgen en ze gereed te maken voor een volgend leven. Maar we zijn zeker nog niet klaar.”

In die zin is de productgarantie op gebruikte kanaalplaten dus een sluitstuk. Daarbij hoort een vraag, zag de leverancier zelf ook: “Welke eisen stel je aan dat product? Wij houden daar grofweg voor aan dat het product moet voldoen aan de criteria voor een nieuw product. Een gebouw waar je gebruikte materialen instopt, moet voldoen aan de normen voor een nieuw gebouw. Dat betekent volgens ons ook dat je een product garandeert zoals je een nieuw product garandeert.”

VBI doet dit voor het eerst bij UpMall in Rotterdam, een milieupark waarvan het beeldbepalende gebouw volledig circulair wordt gebouwd.

VBI Upcycle Mall 01

Tweede leven

Dat kanaalplaten technisch gezien een tweede leven hebben, werd bij VBI zo’n tien jaar geleden duidelijk, legt Van der Wal uit. Het Provinciehuis aan de Luttenbergstraat in Zwolle is in 1989 gebouwd en voorzien van betonkernactivering via lucht. Aanvoerlucht voor koeling en verwarming gaan daarbij door de kanalen in de VBI-vloer. “Geschikt dus om te zien of beton carbonateert – lees: CO2 opneemt. Proefnemingen door SGS wezen uit dat onze platen geen CO2 opnemen. De omgekeerde constatering is dan ook waar: ons product veroudert dus niet. Dat heeft de basis gelegd voor wat Peter zojuist schetst. Wij wisten toen zeker dat ons product een tweede leven heeft – mits onbeschadigd en onbesmet.”

Druklaagloos

Een tweede leven is heel goed mogelijk, mits constructeurs en bouwers zodanig ontwerpen dat kanaalplaten weer uit een gebouw te halen zijn. Daarbij is de druklaag – een extra constructieve laag beton op de kanaalplaten die in de utiliteitsbouw bijna standaard wordt toegepast - een spaak in het circulaire wiel. “Als er iets belemmerend is, dan is dat het wel”, zegt Musters.

De druklaag is een gemaksartikel, maar eentje met veel impact. “Dat is op zich al een reden om de zin en onzin van toepassing ervan eens goed onder de loep te nemen. We merken overigens dat constructeurs enorm openstaan voor gesprekken hierover.”

Het gemak voor de constructeur laat zich vertalen in enkele duizenden euro’s kostenreductie, geeft Musters aan. Daar staat een verhoging van de kosten en de manuren in de uitvoering tegenover. Die is “een veelvoud daarvan.”

Geen druklaag zorgt vaak voor een iets dikkere kanaalplaat, maar al met al bespaart het veel materiaal. VBI rekende uit dat alleen al bij hun projecten die in 2022 met druklaag zijn geleverd, er netto 40.000 kuub beton had kunnen worden bespaard. En dus ook bespaard had kunnen worden op de gerelateerde milieu- en CO2-impact.

VBI Upcycle Mall 02

Herbruikbaar mét druklaag

Loszagen en met druklaag en al opnieuw gebruiken dan? Mwah, het kan wel, geeft Musters aan. Er is zelfs een praktijkvoorbeeld: kantoor Prinsenhof van de Provincie Gelderland. Helemaal uit elkaar gezaagd tot bouwdelen en opnieuw toegepast, onder meer in een sporthal in Arnhem. Maar geen schoolvoorbeeld voor herbruikbaarheid, wat hem betreft. “Als je alle dingen bekijkt die dan moeten gebeuren om ze geschikt te maken voor een tweede leven… Het kan, maar het kan veel eenvoudiger.”

‘Het venijn zit in de start’, is de catchfrase die hij in presentaties aanhaalt. Ofwel: ga ontwerpen met het oog op die hoogwaardige herbruikbaarheid. “Ontwerpen met het oog op demontage is nieuw, dat zijn we niet gewend. Dat moeten we ons dus aanleren als een soort van mentale innovatie.”

Om bouwers hiermee op weg te helpen heeft VBI – in samenwerking met constructeurs – ontwerpaanbevelingen en remontabele principedetails opgesteld. Zodat goede ontwerpen gemaakt kunnen worden zonder die druklaag en met bereikbare en losmaakbare verbindingen. En kanaalplaten weer eenvoudig uit een gebouw kunnen worden geoogst.

Restwaarde

Een element dat heel generiek is – geen sleuven, geen sparingen, geen pasplaten – heeft daarbij veel meer waarde dan een element dat specifiek is gemaakt.

Kwantificeren in euro’s – dat is nog lastig. “Dat begint zich te ontwikkelen”, ziet Musters. “Daar hebben we nog geen data van, zoals we dat voor bijvoorbeeld auto’s hebben. Heel recent heeft Alba Concepts de Normering financiële waardebepaling gelanceerd. BBN uit Houten heeft een RestWaarde-Index voor circulaire gebouwen ontwikkeld. En organisaties als Copper8 en Metabolic proberen bij opdrachtgevers het besef van restwaarde en waardebehoud mee te geven en te zorgen dat die daar in hun financiële exploitatiemodellen rekening mee houden. De vraag is natuurlijk welke toekomstwaarde je daaraan moet toekennen. Daar is nog niet een zuiver antwoord op te geven. Dat moet echt nog wel groeien.”

VBI werkt “als extra trigger” aan een LCA voor een refurbished vloerelement. Dat zal dus op termijn in de NMD te vinden zijn.