Schrijf het warmtenet niet af

Verslag van de sessie Ervaringen met duurzame warmtenetten tijdens het congres Aardgasvrije nieuwbouw op 29 maart – door Joop van Vlerken.

Als het gaat om het aardgasvrij maken van wijken mogen warmtenetten niet afgeschreven worden. In vergelijking met warmtepompen zijn er genoeg voordelen, betogen twee sprekers tijdens de sessie Ervaringen met duurzame warmtenetten op het ZEN-congres Aardgasvrije nieuwbouw. Voorbeelden zijn er in overvloed, zoals in het Zuid-Limburgse Heerlen waar oude mijngangen worden ingezet voor het transport en de opslag van thermische energie.

“In de warmtemarkt worden de netkosten grotendeels gedragen door de gebruiker. Daarom zijn warmtenetten voor eindgebruikers relatief duur. Het wordt hoog tijd om deze kosten te socialiseren.” Dat is volgens Arjen de Jong van Blueterra wel zo eerlijk. “De kosten die gekoppeld zijn aan het elektrificeren van de woningvoorraad, namelijk het verzwaren en uitbreiden van de elektriciteitsnetten, betalen we ook met zijn allen.” Het is een van de eyeopeners die De Jong naar voren brengt tijdens zijn presentatie over ervaringen met duurzame warmtenetten op het ZEN-congres Aardgasvrije nieuwbouw. Een ander inzicht is betaalbaarheid. “Warmtepompen zijn duur en komen voor de rekening van de projectontwikkelaar. Een warmtenet heeft een andere kostenstructuur en haalt de kosten uit het project.” De andere spreker, Herman Eijdems van Mijnwater BV, opent tijdens het tweede deel van de sessie zelfs de aanval op de luchtwaterwarmtepomp. “Luchtwaterwarmtepompen zouden in steden niet welkom moeten zijn. Ze verhogen namelijk de buitentemperatuur en zorgen zo voor hittestress.”

Duurzaamheid
In het eerste deel van de sessie vertelt De Jong dat als het gaat om duurzaamheid, warmtenetten niet onderdoen voor andere opties. “Zeker als het gaat om de BENG-eisen is het voor ontwikkelaars verstandig om warmtenetten te overwegen. Een aansluiting op een warmtenet kan in deze berekeningen drie tot vier keer meer opleveren dan bijvoorbeeld zonnepanelen.” Om te illustreren hoe de verschillende warmtenetten in Nederland presteren, laat De Jong een lijstje zien met de Equivalent Opwekkings Rendementen (EOR). Daarop is te zien dat een warmtenet met een laag EOR van 2,5 zoals in Utrecht nog even goed presteert als een luchtwaterwarmtepomp.

Samenwerking
Warmtenetten spelen dan ook een belangrijke rol bij het afscheid nemen van aardgas, denkt De Jong. “Zowel voor nieuwbouw als bestaande bouw kunnen warmtenetten een rol spelen. Maar samenwerking is erg belangrijk. Er is behoefte aan een visie op lokaal niveau en bij voorkeur een common carrier om lokale duurzame bronnen te benutten. Een lage- of middentemperatuur warmtenet is hiervoor bij uitstek geschikt.” Daarnaast is het van belang dat warmtenetten afscheid nemen van hun fossiele bronnen en snel duurzaam worden, licht hij toe. “Er zijn goede mogelijkheden voor ondiepe geothermie, maar het kan niet overal. Gelukkig zijn er ook andere opties. Laten we zeker lokale restwarmte niet vergeten. Datacenters, supermarkten, waterzuiveringen, industrie en elektriciteitscentrales gooien nu nog veel warmte weg.”

Lokale restwarmte
In Heerlen wordt lokale restwarmte al benut, vertelt Herman Eijdems, innovatiemanaver bij Mijnwater BV, in het tweede gedeelte van de sessie. “We wisselen in het Mijnwater-project zoveel mogelijk energie lokaal uit. Het is namelijk de meest eenvoudige vorm van energiewinst. Er zijn voldoende manieren om met behulp van water, warmte en koude uit te wisselen tussen verschillende gebouwen. De lokale Jumbo op het Maanplein in Heerlen betaalt ons om warmte af te voeren die we vervolgens gebruiken in ons warmtenet.”

Cloud
Eijdems vertelt dat het leveren en afnemen van energie in het Mijnwaternet niet centraal plaatsvindt, maar de vorm heeft aangenomen van een ‘cloud’. “In traditionele warmtenetten wordt de warmte centraal opgewekt en aan de klant geleverd, bij ons gebeurt dat decentraal. Pas als de lokale bronnen uitgeput zijn, wordt er een beroep gedaan op het Mijnwaternet. Dat is een geothermische bron die water uit de Zuid-Limburgse mijnen gebruikt voor verwarming en koeling. Op deze manier kunnen we alle gebouwen in Heerlen gasloos maken. Elke potentiele warmtebron van boven de 28°C is welkom.”

Opslag
Het mijnwater is volgens Eijdems niet alleen geschikt om warmte te verspreiden. “De 8.000.000 m3 aan mijngangen kunnen ook als energieopslagcapaciteit ingezet worden. We hebben het wel allemaal over accu’s, maar realiseert iemand zich wel hoeveel Tesla’s er nodig zijn om al die duurzame elektriciteit die binnenkort op het net komt, op te slaan? Veel beter is het om water te gebruiken als opslagmedium. Zo bekeken herbergt het mijnwaterreservoir 1 miljoen Tesla’s.”

Download de presentatie van Herman Eijdems


Gerelateerde berichten

PARTNERS

NEPROM NVB Bouwend Nederland Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties