‘Tapwater wordt het belangrijkste deel van het energieverbruik’

Dit interview met Claudia Bouwens (Programmaleider Lente-akkoord) verscheen op 27 maart in Energeia. Auteur: Katrijn de Ronde.

Tien jaar na het afsluiten van het Lente-akkoord voor zeer energiezuinige nieuwbouw blikt programmaleider Claudia Bouwens terug op een periode waarin de energie-eisen voor de gebouwde omgeving meerdere keren op de schop zijn gegaan. En ze blikt vooruit, voorbij de aanstaande nieuwe bouweisen voor bijna energieneutrale gebouwen: “Als je de woning goed isoleert, dan wordt tapwater het belangrijkste deel van het energieverbruik.”

Claudia Bouwens is programmaleider van het Lente-akkoord dat moest zorgen voor “zeer energiezuinige nieuwbouw” of ZEN. Het akkoord werd in 2008 gesloten door Bouwend Nederland, corporatiekoepel Aedes, projectontwikkelaarsclub Neprom, de VNB Bouw, de vereniging voor ontwikkelaars en bouwondernemers en het ministerie van Binnenlandse Zaken.

In 2015 werd het ZEN-platform opgericht. Zestig ontwikkelaars, corporaties en bouwbedrijven sloten zich aan, onder de voorwaarde dat zij minimaal één zeer energiezuinig nieuwbouwproject zouden uitvoeren, en de kennis delen via het Lente-akkoord. Het Lente-akkoord bestaat ruim tien jaar. Tijd om de balans op te maken.

Wat is er in de afgelopen tien jaar bereikt?
“In het akkoord werd afgesproken om de eis voor de energieprestatie van nieuwbouw in 2015 te halveren ten opzichte van 2007. De EPC ging van 0,8 naar 0,4. Dit werd wettelijk voorgeschreven. Wij zorgden ervoor dat de neuzen de goede kant op stonden, dat de praktijkkennis rond energietechnieken vergroot werd en dat de kennis van de koplopers werd gedeeld. Vanaf het begin deden de partijen vrijwillig mee, al was het fijn om de stok van de wet achter de deur te hebben. Dan staat iedereen op het juiste moment klaar en opgelijnd. Vanaf 2020 zou de eis energieneutraal worden. Daarvoor zijn nu de nieuwe Europese eisen voor bijna energieneutrale gebouwen opgesteld. Maar meerdere bouwbedrijven hebben al energieneutrale tot zelfs energieleverende projecten uitgevoerd.”

Hoeveel energie in een huis wordt verbruikt hangt toch af van wat iemand in dat huis doet?
“Dat klopt. De beoogde reductie van de energievraag gaat alleen over het gebouwgebonden deel; warmte, koeling, ventilatie en warm tapwater. Als je een regendouche neemt, dan gaat het energieverbruik door meer warm tapwaterverbruik omhoog. Sowieso, als je de woning goed isoleert, wordt tapwater het belangrijkste deel van het energieverbruik. Het warme tapwater moet vanwege het risico op legionellabesmetting wettelijk regelmatig een temperatuur van boven de 60°C halen. Er zijn nu wel warmtepompen die ook op hoge temperaturen een redelijk rendement leveren, maar warmtepompen met een lage temperatuur-range blijven het meest efficiënt. Dan is tapwater wel een dingetje.”

“We zullen zien hoe dat gaat. Na 1 juli 2018 moest alle nieuwbouw aardgasvrij zijn. Veel projecten zijn toen in allerijl omgeswitcht naar warmtepompen. Dat is onder enorme tijdsdruk gebeurd, de politiek wilde snel resultaat. Ik hou mijn hart vast hoe dat voor de bewoners uitpakt. Wij hadden liever gezien dat er zes maanden uitstel was geweest. Bouwbedrijven willen kwaliteit leveren, want één project met klachten en je staat meteen op de voorpagina van de krant.”

“De eerste Beng-eis gaat om de maximale energievraag van gebouwen, feitelijk: hoe goed is je schil. Die is soepeler dan we van tevoren hadden verwacht. Die eerste Beng-eis was in de voorgaande versie de bottleneck voor projecten, die was vrijwel niet haalbaar voor hoogbouw of vrijstaande woningen. Het mocht van ons iets losser, maar nu is het veel en veel losser. Daar hebben wij niet om gevraagd.”

“De eerste Beng-eis is nu niet meer maatgevend, zoals dat eerst wel leek. We hebben ons sinds 2016 op dat eerste Beng-criterium gefocust: hoge isolatiewaarden, goedekierdichtheid, geen koudebruggen. Maar een extreem goede schil is niet het doel. Het is een middel. Het doel is een lagere energievraag, minder CO2-uitstoot en een fijn, comfortabel huis voor de bewoner. Gezond, energiezuinig en betaalbaar. Die eisen met elkaar in balans brengen is best wel ingewikkeld.”

Het huidige Lente-akkoord loopt tot 2021. Wat moet er nog gebeuren?
“Er is nog geen nieuwe stip op de horizon. We moeten de huidige stip, energieneutraal bouwen in 2020, nog waarmaken. In 2021 gaan we in ieder geval nog een jaar door, voor de nazorg. Ik ga ervan uit dat de vier brancheverenigingen in 2020 weer met elkaar bekijken wat de prioriteiten zijn.”

“Een aantal dingen zijn nog steeds niet voor elkaar. De kwaliteit van de oplevering bijvoorbeeld. Vroeger had je een opzichter op de bouw, maar die is lang geleden wegbezuinigd. In 2010 hebben we daarom de KopStaart-aanpak opgesteld, dat houdt in dat ontwikkelaars de verantwoordelijkheid nemen voor de kwaliteit van het eindproduct. Aan de voorkant vraag je bouwers om inzichtelijk te maken hoe wordt voldaan aan de afgesprokenopleverkwaliteit. Bij de oplevering laat je een keuring doen om de eindkwaliteit te bewaken. Dat gaat al stukken beter, maar er zijn nog steeds veel onderaannemers die elk hun eigen ding doen. Een oplossing daarvoor is werken met prefab-bouwdelen, van tevoren het hele project doorspreken en werken met kwaliteitsinspecteurs op de bouw.”

“We willen ook veel duidelijker maken voor toekomstige kopers en huurders wat de energierekening gaat zijn. Uit de Beng-berekening zou je als bouwer moeten kunnen afleiden wat de gemiddelde energierekening gaat worden. De uiteindelijke energierekening hangt natuurlijk af van het gedrag van de bewoner, maar ook of je daadwerkelijk bij oplevering hebt gekregen wat je is beloofd.”

“Ik heb mijn huis verbouwd en het dak moest open. Het bleek dat de isolatie die erin zat, niet klopte met de eisen die toen golden. Als een bewoner daar nu achter komt, voelt die zich echt bekocht. Juist daarom is de energierekening zo belangrijk. Met die rekening in de hand kan de bewoner controleren of het echt om een energiezuinig huis gaat.”

Beng: bijna energie-neutrale gebouwen
De Beng-criteria volgen uit Europese wetgeving voor de energieprestatie van gebouwen (EPBD) en bestaan uit drie delen: een eis voor het warmteverbruik, een eis voor eigen opwek en een eis voor het aandeel van fossiel opgewekte energie in het verbruik. Per 1 januari 2020 moeten deze eisen worden ingevoerd, en de bouwsector is al vanaf 2015 bezig om zich de nieuwe criteria eigen te maken.

Bij de bekendmaking van de concept-eisen in november 2018 ontstond ophef, omdat deze volgens veel partijen in de bouw veel soepeler zouden zijn dan de eisen waar tot nog toe mee werd gerekend. Ook de Tweede Kamer maakt zich zorgen, en heeft een motie aangenomen om te zorgen dat de eisen worden gedifferentieerd naar woningtype. Over de nieuwe Beng-eisen voor nieuwbouw, die recent als concept geadviseerde eisen aan de markt zijn voorgelegd, is veel te doen.

 

PARTNERS

NEPROM NVB Bouwend Nederland Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties