ZEN factsheet ‘Warmtenetten in BENG’

Een warmtenet kan bij woningbouw helpen om aan BENG te voldoen. Maar dan moet zo’n net wel hernieuwbare warmte leveren. Als een woning daarop wordt aangesloten, is BENG makkelijk haalbaar. Wanneer de bron echter onvoldoende hernieuwbaar is, is het moeilijk, zo niet onmogelijk om daarmee aan BENG te voldoen. Dat is de conclusie die de ZEN-themagroep ‘Warmtenetten in BENG’ trekt uit een doorrekening van drie woningconcepten op basis van externe warmtelevering.

Externe warmtelevering is een logisch alternatief voor het gebruik van aardgas voor verwarming en warm tapwater. In Nederland zijn circa 400.000 woningen op een warmtenet aangesloten. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat warmtebedrijven zorgen voor groei. Zij streven naar circa 80.000 nieuwe aansluitingen per jaar. Voor bouwpartijen is het van belang om te kijken hoe externe warmtelevering zich verhoudt tot de BENG-eisen. Hoe wordt externe warmtelevering gewaardeerd in de NTA 8800? Hoe komt de berekening tot stand en hoe tellen de verschillende warmtenetten door in BENG 2 en in BENG 3?

Hernieuwbaarheid van de bron is cruciaal
DGMR heeft drie woningconcepten doorgerekend. Doel was de invloed van verschillende soorten van externe warmtelevering op de BENG-uitkomsten te beoordelen. De belangrijkste conclusie is, dat de mate van hernieuwbaarheid van een warmtenet van doorslaggevende betekenis is. Het blijkt dat bij nieuwbouw van rij- of eindwoningen de meeste vormen van externe warmtelevering volstaan voor de BENG-eisen. Als de externe warmte in redelijke mate hernieuwbaar is, is nog maar weinig tot geen PV nodig om aan BENG te voldoen.

Vooral bij appartementengebouwen
Een appartementengebouw is wat dat betreft veel kritischer. Daar is hernieuwbaarheid van externe warmte een absolute must. Bij aansluiting op een warmtenet dat wordt gevoed vanuit een stoom- en gasturbine (steg), is het onmogelijk om aan BENG-eisen te voldoen. Dan zou, om aan de tweede en derde BENG-eis te voldoen, zoveel PV nodig zijn, dat dit niet op het dak past. Een gebouw kan dan alleen aan BENG voldoen door toepassing van bijvoorbeeld een eigen collectieve warmtepomp. Een warmtenet op basis van afvalverbranding, geothermie en/of biomassa kan wel goed genoeg zijn.

Factsheet ‘Warmtenetten in BENG’
DGMR heeft in samenwerking met de ZEN-Themagroep ‘Warmtenetten in BENG’ aan de hand van drie woningconcepten en zes typen warmtenetten de BENG-indicatoren berekend. Ook is aangegeven hoeveel vierkante meter PV minimaal nodig is om aan de eisen te voldoen. De uitkomsten van de studie zijn toegelicht in de factsheet ‘Warmtenetten in BENG’. Hierin staat ook hoe de BENG-indicatoren bij aansluiting op een warmtenet moeten worden berekend. Verder is er een overzicht opgenomen van de mate van hernieuwbaarheid van een groot aantal warmtenetten in Nederland.

Download de factsheet ‘Warmtenetten in BENG’
Download de bijbehorende berekeningen van DGMR


Gerelateerde berichten

PARTNERS

NEPROM NVB Bouwend Nederland Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties